Acaena = Stekelnootje

- Een vaste, bodembedekkende plant uit de familie van de
Rosaceae = Rozenfamilie -
 

ï Acaena microphylla ‘Kupferteppich  is de soort die in onze tuin het meeste gebloeid heeft waarmee de naam Kupferteppich onmiddelijk duidelijk is. Heel decoratief!


 

 ñ De andere soort Acaena buchananii, groeit weliswaar prima,  maar het heeft nooit, voor mij zichtbaar, gebloeid!

 De naam Acaena komt van het Griekse woord 'akantha',  en dat betekent stekelnootje.
 
Bodembedekkende planten

Lage, breed uitgroeiende, zodenvormende planten, soms wintergroen en soms zelfs redelijk te belopen.
Ze vormen wel een groen tapijt, maar vragen geen regelmatig onderhoud zoals een gazon.
Je kunt met Acaena bv. grote plantvakken laten begroeien. Of gebruiken als onderbeplanting bij solitairen en heesters.
Ook kun je er goed lelijke hoekjes of boorden weg te werken of aanplanten op moeilijk bereikbare plaatsen.
Voor een mooi gesloten tuintapijt moet je bij het uitkiezen van de planten de soorten te nemen waarvan het bladerdek en de wortels zeer dicht en krachtig groeien opdat ze geen ruimte open laten voor onkruiden

 

Vaste planten

Vaste planten zijn planten die jaar na jaar weer uitlopen.
In de winter sterven ze bovengronds af maar ondergronds leven ze slapend voort.
Sommige vaste planten blijven niet langer mooi dan 4 of 5 zomers.
Anderen bloeien rijker als ze elke 2 jaar worden opgerooid en gedeeld.
Weer anderen kunnen een mensenleeftijd bereiken.

De beste tijd om vaste planten te poten is de vroege herfst - eind september tot eind oktober.
Het kan ook in het voorjaar gebeuren, maar dan moet je na het planten meestal wel voldoende water geven
Spit het bed in september twee steken diep en voeg per m2 een emmer tuinturf of compost aan de grond toe.
Laat de grond zo rusten tot vlak voor het planten. Maak dan de grote kluiten fijn en trap de grond aan.
Strooi tenslotte desgewenst 2 handen algemene kunstmest per m2  uit en hark deze in.

     

    extra info
toepassing: goede bodembedekker voor een zonnige plek ideaal om kleine opp. te laten begroeien
tip- Bloembollen onder het tapijt van stekelnootje geven een leuk effect.
standplaats: voor zon / halfschaduw  
kenmerken: zeer kleine blaadjes, altijd gezaagd, aan beide zijden behaard of alleen op de   bladnerf  
hoogte: 5 à 10 cm  
groeiwijze: liggende of kruipende stengels vormen rood/groene zoden  
bloeimaand:  juni, juli, augustus  
vruchtvorming: vrucht is licht gestekeld en voelt hard aan de sierwaarde van deze plant wordt vooral bepaald door de mooie, roodbruine en stekelige vruchtjes
groenblijvend: groenblijvend, maar ook vorstgevoelig. bij strenge vorst met dennetakken bedekken
grondsoort: zandig humeuze grond of zandige klei, vele soorten hebben voorkeur voor kalkhoudende grond Verdraagt droogte goed.
verdraagzaam: weinig verdraagzaam met andere soorten  
aantal p/m² 10 à 12 planten  
plantafstand: ca. 33 cm  
Vermeerdering:  stekken, afleggen of scheuren en sommige soorten ook door zaaien  

- verschillende variëteiten -

ð
Acaena microphylla ‘Kupferteppich’

- roodbruin blad
- witte bloemhoofdjes, rode vruchtjes

ð
Acaena buchananii

- blauwgroen blad
- cremewitte bloem

-heeft minder gestekelde vruchtjes dan de andere soortgenoten.
- fijne, getande lichtgroene tot blauwachtige berijpte bladeren


ð
Acaena microphylla

- bruingroen blad
- roodbruine bloemhoofdjes
- kleine groen-bruine bloempjes
- worden rood-bruine vruchtjes

 

 

ð
Acaena magellanica

- wordt 15 cm hoog 
- blauwgroen blad

.

ð
Acaena. caesiiglauca

- wordt 5 cm hoog
- blauw harig blad

ð
Acaena saccaticupula "Blue Haze"

synonym

Acaena "Pewter"

- wordt 10 cm hoog
- getande staalblauwe bladjes
- bruinrode bloempjes
- worden donkerrode vruchtjes met rozige takjes

 


ð

Acaena ovalifolia

 

 

 


ð

Acaena sanguisorbae

- snel groeiende
en bloeiende
plant 

Terug