|
Asplenium
scolopendrium = Tongvaren
synoniem:
Phyllitis scolopendrium
- vaste plant, varen, familie van de
Aspleniaceae =
Streepvarenfamilie -
Ook al vanaf het begin in
onze tuin aanwezig, en net als onze Vrouwenmantel,
staat deze plant ook al steeds op dezelfde plaats. Altijd groen en tevreden.
Waarschijnlijk zullen
we hem wel eens moeten scheuren, omdat hij erg groot wordt.

22 mei 2005 - Ze staat er mooi bij. Bezig langzaam uit te
lopen.
De
naam kreeg hij vanwege van zijn tongvormige bladvorm.
| Vaste planten
Vaste planten zijn planten die jaar na
jaar weer uitlopen.
In de winter sterven ze bovengronds af maar ondergronds leven ze
slapend voort.
Sommige vaste planten blijven niet langer mooi dan 4 of 5 zomers.
Anderen bloeien rijker als ze elke 2 jaar worden opgerooid en
gedeeld.
Weer anderen kunnen een mensenleeftijd bereiken.
De beste tijd om vaste planten te
poten is van de vroege herfst/eind september tot eind oktober.
Het kan ook in het voorjaar gebeuren, maar dan moet je na het
planten meestal wel voldoende water geven
Spit het bed in september twee steken diep en voeg per m2 een emmer
tuinturf of compost aan de grond toe.
Laat de grond zo rusten tot vlak voor het planten. Maak dan de grote
kluiten fijn en trap de grond aan.
Strooi tenslotte desgewenst 2 handen algemene kunstmest per m2
uit en hark deze in. |

|
naam: |
Asplenium
scolopendrium = Tongvaren |
extra info |
|
toepassing: |
bodembedekkende,
vaste plant |
Bodembedekker
voor tussen stenen en in stapelmuurtjes, ook erg mooi als solitair |
|
standplaats: |
vochtige,
halfschaduw/schaduw plaats |
|
|
kenmerken: |
decoratieve
tongvormige, iets golvende, groene bladeren, 20 - 40 cm. hoog, die
naarmate ze ouder worden, steeds meer gaan glanzen. |
aan
de onderkant van 't blad zitten de
lijnvormige sporen
die loodrecht
op de hoofdnerf staan. De sporen zijn juli-oktober rijp. |
|
hoogte: |
ca.
40 cm |
|
|
groeiwijze: |
bodembedekker |
|
|
sporetijd: |
juli
- september |
|
|
bloeimaand: |
n.v.t. |
|
|
vruchtvorming: |
n.v.t. |
|
|
groenblijvend: |
groenblijvende varen met altijd glanzend
groene bladeren, verdraagt - 25 gr. C. |
|
|
grondsoort: |
min of meer voedselrijke bodem
met een weinig kalk |
|
|
verdraagzaam: |
goed te
combineren |
|
|
aantal p/mē |
7 - 9 st. |
|
|
plantafstand: |
33 cm |
|
|
vermeerdering: |
scheuren |
|
|
bijzonderheden: |
afgestorven
blad regelmatig verwijderen |
|

Hierboven groeiend in
een rotsspleet
|
Meer bijzonderheden
Deze plant
vind z'n oorsprong in berggebieden, dat maakt hem
bijzonder geschikt voor de rotstuin. Hij komt in bijna
heel Europa voor, op muren, in bossen en in kalkrijke
rotsspleten.
In groepjes of als solitair, als de grond maar licht
vochtig is dan heeft deze plant het erg naar de zin.
Zonder te woekeren is het een geweldige bodembedekker.
Als deze plant te droog staat blijft ie klein, maar als
de grond voldoende vochtig is kan ie enorm uitgroeien,
tot wel 2 m doorsnede. |

Tongvaren groeit
in de grond en in rotsspleten. Hier staat ie lekker aan
onze vijverrand, z'n mooie bladeren uit te
rollen |