Citrus limon = Citroenboom
- struik, kuipplant, uit de familie van de Rutaceae = Wijnruitachtigen -

| Heesters
en klimplanten
Heesters vormen een van de meest
veelzijdige groepen in de tuin; niet alleen kunnen ze als
achtergrond dienen voor andere plantensoorten, maar ze hebben ook
het hele jaar door een eigen inbreng in kleur en sfeer van de tuin.
|

| naam: | Citrus limon = Citroenboom | extra info |
| toepassing: | wintergroene, heester voor in een kuip | |
| standplaats: | zonnig en beschut | |
| kenmerken: | sterk bedoornde
struik met lichtgroen,
ovaal en getand blad 8 cm lang en 5 cm breed, jonge uitlopers zijn roodachtig van kleur |
zeer hard hout, bij aanraking geurt de struik |
| hoogte: | 3 - 5 m | |
| groeiwijze: | warrige, snelgroeiende struik | |
| bloeiwijze: | heerlijk ruikende witte
bloemen met een paarsig waas, alleenstaand of meertallig. Het vruchtbeginsel verdikt zich tot de citroen = oranjebloesem |
|
| bloeimaand: | hoofdbloei voorjaar, bloeit verder hele jaar door | |
| vruchtvorming: | de citroen ontstaat uit 't verdikte vruchtbeginsel | |
| groenblijvend: | wintergroen | |
| grondsoort: | grove
luchtige potgrond (cocopeat) als basis, aangevuld met 10% perlite, 10% schone klei en 5-8% rivierzand/metselzand |
|
| verdraagzaam: | zet andere planten niet te dicht bij | |
| aantal p/m² | 1 | |
| plantafstand: | 3 - 5 m | |
| vermeerdering: | uit zaad, zie onder | |
| snoei: | vormsnoei noodzakelijk | |
| bijzonderheden: | alleen regenwater geven |

| meer
bijzonderheden De citroen komt van oorsprong uit NW India, en pas veel later kwam hij in China en nog weer veel later werd hij door arabische volkeren over Europa verspreid. Het is een struik die snel kale takken krijgt, als de groeiomstandigheden niet optimaal zijn. Al lang geleden ontdekten ze dat de citroen een probaat middel was tegen scheurbuik. De struik groeit prima in zowel tropische als subtropische omstandigheden. Een te vochtige omgeving maakt de struik gevoelig voor ziekten. Hoewel de plant gemakkelijk vanuit zaad ontkiemt, zijn de struiken die hieruit onstaan niet 'soort echt', en zullen ze bij uitzondering soms na 6 jaar citroenen produceren, die dan ook nog oneetbaar zuur is. Om de vorst in onze gebieden te kunnen verdragen worden de planten op een onderstam geënt. De juiste onderstam is zeer belangrijk i.v.m. grondsoort en gevoeligheid voor stamrot. Daarvoor wordt vaak een Poncirus trifoliatus gebruikt. Bij ons wordt de citroen vanwege zijn betrekkelijke vorstgevoeligheid, bij voorkeur in pot gekweekt, zodat hij 's zomers buiten op het terras kan en 's winters in een kas of op een andere lichte plaats koel kan overwinteren bij een temperatuur van 5 tot 10 graden. kenmerken Snelgroeiende struik met stekels in de bladoksels, die een bossige, warrige vorm aan neemt als ie niet regelmatig in vorm gesnoeid wordt. De bladeren zijn licht eivormig en ovaal. Aan de rand fijn gezaagd en ze zitten aan korte vaak ongevleugelde bladstelen. Citroen bloeit met grote witte bloemen met een lichtpaarse kleur aan de top van de kelkbladeren. De bloemen verschijnen zowel alleenstaand als in trossen vanuit de bladoksels naast de doornen. Hoewel de hoofdbloei toch in het voorjaar plaats vindt kan de bloei het hele jaar doorgaan. Vandaar dat er tegelijkertijd bloemen en vruchten in diverse stadia aan een en dezelfde plant voorkomen. De eivormige, lichtgele vrucht, de citroen, is ca. 10 cm lang en 6 cm dik, met een geprononceerde top, is zeer sappig en fris maar bovenal uitgesproken zuur. Er zitten weinig zaden in de vrucht maar uit een zaadje kunnen meerdere planten groeien. Er wordt vooral geoogst in herfst en winter maar uiteraard kun je het hele jaar door af en toe citroenen van de boom halen. verzorging In pot gekweekt blijft de citroen veel kleiner dan in de volle grond, en om hem in een goede vorm te houden is regelmatige snoei noodzakelijk. Vooral 's zomers is het belangrijk regelmatig de nieuwe scheuten steeds te toppen na 2 of 3 nieuwe bladeren. Overpotten doe je best in mei / juni / juli, Gebruik daarvoor en ruime, roodstenen pot met een potscherf onderin, dan een laagje gebakken kleikorrels en dan vullen met kant en klare grove luchtige potgrond (cocopeat) als basis, aangevuld met 10% perlite, 10% schone klei en 5-8% rivierzand/metselzand. Leg de wortels uitgespreid in een hoek van 45° naar beneden met potgrond tussen de wortels. Geef de eerste dag nog geen water en houd hem een paar dagen uit de felle zon en hij zal je belonen met z'n bloei en vruchten. De beste manier van water geven: nooit leidingwater geven, daar zit te veel kalk in, maar geef altijd regenwater, en laat de kluit af en toe droog worden, maar niet uitdrogen. Bemesten doe je van eind februari tot eind augustus. Gebruik mest met een hoog stikstofgehalte of organische mest in korrelvorm. overwinteren Na augustus bemest krijgt de struik geen mest meer, dat beinvloed de bloei van volgend seizoen negatief. Eind september/half oktober is het tijd om de plant op een koele (5° - 10° C) en lichte plaats te zetten en vanaf nu minder water te geven. Zorg voor genoeg frisse lucht en pas ervoor op dat de luchtvochtigheid niet te hoog is op de overwinteringsplek, om afstervende takken te voorkomen. Pas ook op voor condens en sproei de struik niet bij te lage temperaturen. De gevolgen zijn zeer snel zichtbaar. Vanaf half mei kan de Citrus weer naar buiten, waar je hem de eerste tijd nog wel moet beschermen tegen felle zon maar al snel zal ie gaan bloeien en weer heerlijk geuren. vermeerderen Zaaien in goede zaai of stek grond, binnenshuis of op een warme plek in de tuin vanaf eind mei/begin juni. Normaal vochtig houden, verder op een zonnige en beschutte plek opkweken. Stekken is lastig en gebeurt ook bijna nooit omdat de de stek op een onderstam geent moet worden om voldoende wintervast te zijn. snoei Citrus planten zijn prima te snoeien, zelfs op oud hout zal de plant weer uitlopen. Snoei is nodig om de afmeting in toom te houden, de plant ordelijk te laten groeien of lange kale takken te voorkomen. Snoei na de bloei. Mocht de struik kale takken hebben snoei deze dan niet in een keer terug, maar doe het in ettappes, omdat de plant vaak wel nog bloeit op kale takken. |
|
ð - wintergroene kuipplant -
|
|
|
||||||||||||||||
|
|
|
ï - wintergroene kuipplant -
|
||||||||||||||||
|
ð Citrus maxima = Pompelmoes - wintergroene kuipplant -
|
![]() ![]() |
![]() |
||||||||||||||||
![]() |
![]() ![]() |
ï Citrus medica = Sukadecitroen, Cedraat - wintergroene kuipplant -
|
||||||||||||||||
|
ð Citrus medica sarcodactylus = Boedha's hand - wintergroene kuipplant -
|
![]() ![]() |
![]() |
||||||||||||||||
![]() |
![]() ![]() |
ï Citrus paradisi = Grapefruit - wintergroene kuipplant -
|
||||||||||||||||
|
ð Poncirus trifoliatus = Winterharde citrus - winterharde (tot -20°C), bladverliezende verwant -
|
![]() ![]() |
![]() |
||||||||||||||||
![]() |
![]() ![]() |
ï Citrus reticulata = Mandarijn - wintergroene kuipplant -
|
||||||||||||||||
|
ð Citrus sinensis = Zoete Sinaasappel - wintergroene kuipplant -
|
![]() ![]() |
![]() |