Lampranthus cordifolia of Aptenia cordifolia

- succulent , Zuid-Afrikaans plantengeslacht uit de familie van de
Aizoaceae = IJskruidachtigen -


  

Ik kon het niet laten een stek mee te nemen van Ibiza, waar ie overal uitbundig groeit en bloeit.
Terug thuis, meteen boven de kachel in een potje met aarde/zand/grind gezet en rustig afgewacht.
Al vrij snel begon het plantje te groeien en aan het begin van de zomer was ie zelfs al groot genoeg
om over 2 lange bakken te verspreiden, en boven op de schuur in de warme zon te zetten.
 Prachtig gezicht, die hardroze bloemetjes tussen het andere groen.
De bakken waarin ze nu staan hebben goede afwatering en op onze schuur is het zomers lekker warm.
Er vanuit gaande dat we een droge zomer hebben zouden deze planten het op die hete schuur moeten kunnen volhouden.
Een groter probleem is te veel water. Deze plant moet je steeds goed laten indrogen voordat je weer water geeft.

 
Succulenten of vetplanten

Een succulent of vetplant is een plant die water opslaat in een deel van zijn lichaam. Dit kan zowel in de wortel, stengel of het blad gebeuren en dan spreekt men respectievelijk van knol-, stam of bladsucculenten.
De bekendste zijn waarschijnlijk de cactussen, die allemaal tot dezelfde plantenfamilie behoren.
Alle andere succulente plantenfamilies worden verzameld onder de naam vetplanten.
De sterkere, grotere cactussen kunnen zomers  de tuin in. Neem wel eerst stek, voor het geval ze door verwildering of onregelmatige groei niet meer geschikt zijn om weer naar binnen te worden gebracht.
Vermeng de grond van een zonnig en beschut bloemperk met wat extra steenslag of grind voor betere afwatering en zet daar de planten in. Cactustuinen zijn alleen geschikt voor de zomer; de planten moeten in de herfst weggedaan of naar binnen gebracht worden.
Succulenten met decoratieve 'rijp' op de bladeren moeten buiten beschermd worden tegen regen.

      

   Aptenia cordifolia synoniem Lampranthus cordifolia  
                                                 zomer                                                                                             winter                                   
 standplaats  buiten met veel warmte en zonlicht  binnen vanaf september/oktober
watergift:  Het is een plant die van weinig en onregelmatige watergift houd.  Matig water geven tijdens de groeiperiode.    Laat de potgrond tussen twee gietbeurten in licht opdrogen
overwintering:  binnenshuis  
kenmerken:  kruipend plantje met  tegen elkaar staande blaadjes, vol met kleine wratjes, die vlezig zijn met een kort steeltje en een puntje aan de basis. Roze bloempjes staan alleen of in groepjes van 3 of 4. en hebben zon nodig om te openen  
hoogte:  max. 50 cm  
bloei:  van lente tot herfst  
vermeerderen:  van maart tot september stekken van 5 - 12 cm nemen  
bijzonderheden Snelgroeiende grondbedekker voor droge omstandigheden. Je kunt het zelfs tot een vierkant of rechthoek vormen, of er een 'gazon' van aanleggen. Je kunt er jammer genoeg niet op lopen.  Wordt veel toegepast in voortuinen in de landen rond de Middellandse Zee.

     
 
Meer bijzonderheden:

Deze van oorsprong zuid-afrikaanse plant wordt bij ons vooral als kamerplant aangeboden. Deze planten kennen verschillende verschijningsvormen, sommigen kruipen, sommigen groeien bossig, en sommigen bloeien kort, terwijl anderen van de lente tot in de herfst in bloei staan.
Ze worden in de landen van oorsprong vooral gekweekt vanwege, hun vrolijk gekleurde bloemetjes, in vele kleuren, zoals geel, oranje, lila, paars, en rose. Maar voorla zie je ze veel in de plaatselijke tuinen omdat ze erg sterk zijn.
Kweken
De bloemen, die aan de stengel ontstaan hebben zon nodig om te openen.
In ons klimaat zul je deze plant in pot moeten kweken en tijdig binnen moeten halen. De beste potgrond is een mengsel van 2 delen zandig leem en 1 deel  van een mengsel van zand, kapotgeslagen stenen en leisteenbrokjes.
Voorspoedige groei bereik je door de planten vroeg in maart over te potten.
Geef in de zomer rijkelijk water maar laat in de winter de aarde eerst droog worden voordat je ze weer water geeft.
vermeerderen
Je kunt van maart tot september stekken nemen , 6 - 15 cm lang. Verwijder de onderste bladeren. Laat ze dan een paar uur buiten liggen, zodat zich over de snijwonden, net zoals bij alle vetplanten,een beschermende laag kan vormen.
 Pot ze daarna in een pot van 8 cm doorsnee, in zand of het hierboven beschreven mengsel, zet ze dan redelijk koel weg tot ze wortels maken. Zet ze op tijd in grotere potten.
Het is ook erg makkelijk de droge zaden in goed afwaterende potten met zandige aarde, te laten kiemen.
Op een lichte plaats waar je de temperatuur boven 13 graden houd.


andere variëteiten:
 

ï Lampranthus aureus

hoogte: 40 - 50 cm
bloem: heldere tinten oranje, soms goud/geel
bloeitijd: augustus
als ze uitgebloeid zijn vormen ze houtachtige
zaaddozen met daarin 5 compartimenten

 

Lampranthus aurantiacus ð

omhooggroeiende blauw/groene stengels
helder oranje bloemen in 't voorjaar

ï  Lampranthus coccineus

hoogte: 20 - 40 cm
bloei: voorjaar, rode bloemen
gespikkelde bladeren

 

Lampranthus glaucus  ð

hoogte: 30 cm
Vormt een laag over de grond groeiende bossige zode
met smalle grijs/groene bladeren.
Aan de jonge scheuten verschijnen in het late voorjaar de gele bloemen met een doorsnee van 3 cm.
 

ï Lampranthus haworthii.

hoogte: ruim 60 cm
spreid zich doorlopend verder uit
blauw/groene, vlezige bladeren die in t' voorjaar metalig glanzen
bloemkleur: helderroze, lila, paars
na de bloei in 't voorjaar vormen zich de houtachtige zaaddozen

,

Lampranthus spectabilis ð

hoogt: 30 cm
doorsnee pol: 60 cm
verdraagt tot 7 graden vorst
 

 


 

Terug